Didgeridoo: waar komt het vandaan?
De didgeridoo komt uit Noord-Australië, hoogstwaarschijnlijk uit Arnhemland. Aboriginalvolken daar ontwikkelden deze lange houten trompet eeuwen voordat de Europeanen kwamen, en zijn diepe, ononderbroken bromtoon klinkt nu over de hele wereld.
Uitgehold door termieten
Een traditionele didgeridoo begint als een eucalyptusstam of -tak die door termieten is uitgehold. Makers zoeken bomen met termieten en kloppen op het hout om te horen of de holte zal resoneren. De boom wordt gekapt, schoongemaakt en ontschorst, en vaak komt er aan het smalle uiteinde een mondstuk van bijenwas op. De meeste instrumenten zijn ongeveer 1,2 meter lang; hoe langer de buis, hoe lager de toon. Spelers houden de bromtoon gaande met circulaire ademhaling.
Hoe oud is hij?
Niemand weet precies hoe oud hij is. Een rotsschildering bij Ginga Wardelirrhmeng, aan de noordrand van het plateau van Arnhemland, toont een didgeridoospeler met twee zangers, en rotsschilderingen van spelers zijn gedateerd op 1.000 tot 1.500 jaar geleden. Vóór het contact met Europeanen werd het instrument bijna alleen in het uiterste noorden van Australië bespeeld. Een vroeg Europees verslag is een tekening in het boek van T. B. Wilson uit 1835 van een man die hem bespeelt in Raffles Bay, ten oosten van Darwin.
Een in het Engels verzonnen naam
Didgeridoo is geen Aboriginalwoord. Vermoedelijk bootst het in het Engels de klank van het instrument na: in 1908 noemde de Hamilton Spectator, een krant in Victoria, een “did-gery-do (holle bamboe)”, en in 1919 schreef Smith's Weekly dat een “didjerry” “didjerry, didjerry, didjerry enzovoort, ad infinitum” ging. De musicologe Alice Moyle vond bijna evenveel namen als taalgroepen die hem bespelen, waaronder yidaki in het noordoosten van Arnhemland en mako in West-Arnhemland.
Bronnen: en.wikipedia.org ↗ · theconversation.com ↗