Tapdans: waar komt het vandaan?
Tapdans komt uit het oosten van de Verenigde Staten. Het kreeg vorm in de 19e eeuw, toen Afro-Amerikaanse dans Ierse jigs en de klompdansen van Schotland en Engeland ontmoette, en veroverde daarna minstrelshows, vaudevilletheaters, Broadwaymusicals en Hollywoodfilms.
Waar veel dansen elkaar ontmoetten
Tapdans heeft wortels in West-Afrikaanse stepdansen en in de klompdansen, hornpipes en jigs die Schotse, Ierse en Engelse immigranten naar Noord-Amerika meebrachten. Lang dachten historici dat de vermenging plaatsvond op plantages in het Zuiden, waar tot slaaf gemaakte Afrikanen en Ierse contractarbeiders elkaar zagen dansen. Eind 20e eeuw opperden onderzoekers een ander decor: drukke stadswijken zoals Five Points in New York, waar veel etnische groepen zij aan zij woonden.
Master Juba uit Five Points
Een sleutelfiguur was William Henry Lane, bekend als Master Juba, geboren rond 1825. Als tiener danste hij in de saloons en danszalen van Five Points, en een New Yorkse krant identificeerde hem later als de jonge danser die Charles Dickens daar in 1842 zag. In 1844 nam hij het op tegen de Iers-Amerikaanse danser John Diamond in een van de vroegst vastgelegde danswedstrijden. Zijn snelle, percussieve stijl mengde waarschijnlijk Ierse jigs met passen van Afrikaanse oorsprong.
Waarom men Ierland zegt
Ierse jigs zijn echt een van de ingrediënten van tapdans, dus Ierland is een logische gok. Maar de mengvorm die tapdans werd, ontstond in Amerika. In de loop van de 19e eeuw groeide die in danswedstrijden en minstrelshows, die op hun hoogtepunt waren van ongeveer 1850 tot 1870. Tapdans zoals we die nu kennen, verscheen pas rond de jaren 1920, toen metalen plaatjes onder de neuzen en hakken van schoenen populair werden en de dansgroepen in shows als Shuffle Along (1921) op “tapschoenen” dansten.
Bronnen: en.wikipedia.org › Tap dance ↗ · en.wikipedia.org › Master Juba ↗ · britannica.com ↗